Materiaal downloaden
Vul je gegevens in en we sturen het bestand direct naar je e-mailadres toe.
Vul je gegevens in en we sturen het bestand direct naar je e-mailadres toe.
Met het onderstaande formulier vraag je eenvoudig materiaal op.
Je kent het wel: een leerling die plotseling met deuren slaat, een kind dat zich steeds meer terugtrekt, of juist die tiener die om de haverklap in conflict raakt met klasgenoten. Het is gemakkelijk om deze gedragingen af te doen als “pubergedrag”, “moeilijk handelbare kinderen” of “een moeilijke fase”. Maar wat als we eens dieper kijken? Wat als dit gedrag eigenlijk een vorm van communicatie is – een noodkreet die we moeten leren verstaan?
Gedrag is een taal. Een taal die kinderen vaak nog niet in woorden kunnen vatten. Een taal waarin zij uitdrukken wat ze voelen, denken en nodig hebben. Hoe fascinerend is dat? We zien gedrag vaak als iets dat gecorrigeerd moet worden, terwijl het in werkelijkheid een venster is naar de binnenwereld van het kind.
Laatst observeerde ik een jongen van veertien die constant de grenzen opzocht in de klas. Waar andere docenten hem bestempelden als ‘lastig’, zag ik iets anders. Zijn gedrag schreeuwde: “Zie mij! Ik wil weten waar de grens ligt, want ik voel me onveilig in een wereld zonder duidelijke kaders.”
Kinderen die zich terugtrekken, vertellen ons vaak dat ze overweldigd zijn. Ze hebben misschien het gevoel dat de wereld te veel van hen vraagt, dat ze niet kunnen voldoen aan verwachtingen, of dat ze simpelweg niet gezien worden voor wie ze zijn. Dit zien we veel bij jongeren die worstelen met hun identiteit.
Is een kind brutaal en uitdagend? Dan zoekt het vaak bevestiging dat het er mag zijn – mét al zijn emoties. Dit gedrag kan ook een manier zijn om controle te krijgen in een situatie waarin een kind zich machteloos voelen. Denk je niet dat we allemaal soms behoefte hebben aan die bevestiging?
De klassenclown vertelt ons iets belangrijks: “Ik wil gezien worden, maar wel op mijn voorwaarden.” Vaak verbergt humor een diepere onzekerheid of angst om écht gezien te worden. Door anderen aan het lachen te maken, creëren ze een veilige afstand waarin ze zelf bepalen welk deel van henzelf ze laten zien.
Kinderen die constant streven naar perfectie, vertellen ons vaak dat ze bang zijn voor afwijzing of falen. Hun waarde hangt af van prestaties, wat enorme druk legt op jonge schouders. Ze hebben vooral bevestiging nodig dat ze waardevol zijn – ongeacht resultaten.
Om deze ‘gedragstaal’ te verstaan, moeten we eerst onze eigen filters erkennen. Onze interpretatie van gedrag is gekleurd door onze eigen ervaringen, normen en waarden.
We hadden ooit een meisje in de klas dat constant anderen onderbrak. Irritant? Zeker. Maar toen we dieper keken, ontdekten we haar angst om vergeten te worden als ze niet direct haar gedachten deelde. Thuis werd ze nauwelijks gehoord tussen haar drie luidruchtige broers.
Als we gedrag eenmaal beginnen te zien als communicatie, verandert onze reactie. In plaats van te denken: “Hoe stop ik dit gedrag?”, vragen we: “Wat heeft dit kind nodig?” Dit creëert ruimte voor echte verbinding.
Een praktische tip? Reageer niet direct op het gedrag, maar op de behoefte erachter. Zeg bijvoorbeeld: “Ik zie dat je boos bent. Het lijkt alsof je je niet gehoord voelt. Klopt dat?” Hiermee geef je woorden aan wat het kind misschien nog niet kan uitdrukken.
Wat ons werk bij WeLoveSociety zo waardevol maakt, is ons begrip dat ieder kind anders is. Wat voor het ene kind werkt, werkt niet automatisch voor het andere. In onze module Verschillen in de klas leren we docenten en leerlingen juist die diversiteit te waarderen – ook in gedragsstijlen.
Soms vergeten we dat gedrag niet goed of fout is – het is informatie. Het vertelt ons wat werkt en niet werkt voor dit specifieke kind in deze specifieke omgeving.
Wat zou er gebeuren als we gedragsproblemen gaan zien als uitnodigingen tot verbinding? Als we nieuwsgierig worden in plaats van oordelend? Als we onszelf trainen om achter het gedrag te kijken naar de behoeften die erachter schuilgaan?
Het kost tijd, geduld en oefening. Maar de beloning is enorm: kinderen die zich werkelijk gezien voelen, kunnen hun energie richten op groei in plaats van op het uitzenden van noodsignalen.
Als gedrag langdurig aanhoudt, in intensiteit toeneemt, of het functioneren in meerdere omgevingen (thuis, school, sociaal) ernstig belemmert, is het raadzaam professionele hulp te zoeken. Vertrouw hierbij op je intuïtie – jij kent je kind of leerling het beste.
Reageer eerst met nieuwsgierigheid in plaats van oordeel. Vraag jezelf af: “Wat probeert dit kind mij te vertellen?” Neem indien nodig een moment om zelf rustig te worden voordat je reageert.
Open communicatie is essentieel. Plan regelmatige gesprekken waarin je observaties deelt zonder te beschuldigen. Zoek naar patronen: gedraagt het kind zich in alle omgevingen hetzelfde of zijn er verschillen? Deze informatie kan waardevolle inzichten geven.
Nee, gedrag begrijpen betekent niet alles tolereren. We kunnen grenzen stellen én tegelijkertijd de onderliggende behoefte erkennen. Bijvoorbeeld: “Ik begrijp dat je boos bent, maar schreeuwen is geen respectvolle manier om dat te uiten. Laten we samen een betere manier vinden.”
Benoem emoties die je bij het kind observeert. Gebruik concrete voorbeelden: “Ik zie dat je je vuisten balt en rood wordt – ben je gefrustreerd?” Geef zelf het goede voorbeeld door over je eigen emoties te praten. En vooral: creëer een veilige omgeving waarin alle emoties er mogen zijn.
Wil je meer weten over onze trainingen en workshops op het gebied van gedragspatronen, emotieregulatie en verbindende communicatie?
Bezoek dan onze onderwijspagina of neem contact met ons op. Samen maken we het verschil voor onze jongeren!